Vragen voor Vincent Vollon: hoe gaat zijn praktijk om met de COVID-19-situatie?

 

Een kinepraktijk runnen in tijden van corona, het is geen evidentie. Hoe ga jij om met de richtlijnen die de overheid meegaf? Wij vroegen de mening van Vincent Vollon, zelfstandige kinesitherapeut in Veurne en tevens heel actief in de discussies die online heersen. Het volledige interview kan je onderaan bekijken.

Wat vind je van de richtlijnen die dit weekend gecommuniceerd werden door de overheid?

Ik vind de richtlijnen persoonlijk redelijk vaag uitgedrukt en vooral voor interpretatie vatbaar. Ten eerste spreekt men over “niet-noodzakelijke behandelingen”, een heel rekbaar begrip. Daarnaast wordt ons gevraagd de risicogroepen te vermijden, maar zijn zij het niet die juist het meest nood hebben aan de behandelingen? Ook de algemene richtlijnen van social distancing en “Blijf in uw kot” zijn voor kinesitherapeuten nogal moeilijk op te volgen.

Hoe heb jij deze adviezen dan uitgerold in jouw praktijk?

Ik ben begonnen met een aantal selecties te maken. Ten eerste: welke patiënten zijn risicopatiënten? Ik heb hen opgebeld en op de hoogte gebracht. Nadien heb ik ook iedereen die een afspraak had voor een “niet-noodzakelijke behandeling” op de hoogte gebracht. Aangezien er dan nog maar een kleine groep overbleef, heb ik de overige patiënten ook opgebeld en hen gevraagd om hun afspraken tijdelijk on hold te plaatsen. Uiteraard zijn we voor telefonisch advies wel nog beschikbaar.

Wat was de reactie van jouw patiënten?

De meeste patiënten snappen uiteraard meteen waarover het gaat en wat de ernst van de situatie is. Zij zijn meteen mee! Ik kreeg ook vaak de reactie dat patiënten blij waren dat ik hen contacteerde. Velen van hen zaten met gelijkaardige vragen en speelden met het idee om zelf af te bellen. Het sluiten van de praktijk was dus een heel natuurlijk proces.

Verwacht je nog verdere maatregelen vanuit de overheid voor kinesitherapeuten?

Ik verwacht mij inderdaad nog aan extra maatregelen. Frankrijk geeft hier een mooi voorbeeld: ze hebben duidelijke richtlijnen waarin ze zeggen wat wel en niet kan. De keuze komt zo niet op de schouders van de therapeut terecht.

Moeten we hopen of wachten op een compensatie voor zelfstandige therapeuten, zoals in de horeca?

Persoonlijk denk ik niet dat we compensaties hoeven te verwachten. Ik hoop natuurlijk van wel, maar als we kijken naar het aantal zelfstandigen die hier actief zijn, denk ik niet dat de overheid dit volledig gaat vergoeden. Het zou aangenaam zijn, maar het is een utopie, denk ik. Dat is ook de grootste redenen waarom een aantal collega’s twijfelen wat ze gaan doen. Het is een constante afweging tussen de persoonlijke situatie en het groter algemeen belang.

We kunnen het natuurlijk ook anders gaan bekijken: welke opportuniteiten biedt deze situatie?

In deze huidige situatie kunnen we ons als beroepsgroep laten horen en zien in de maatschappij. We kunnen tonen dat we onze verantwoordelijkheid kunnen opnemen en dat we zelf maatregelen kunnen treffen als de overheid dat niet duidelijk voor ons doet. Verder kunnen we ook als individu – en dan heb ik het niet alleen over kinesitherapeuten – onszelf overstijgen voor het algemeen belang, namelijk de gezondheidszorg. Bovendien wordt er nagedacht over andere manieren van werken. Er wordt nu creatief omgesprongen met oefenprogramma’s of telebegeleiding. Dat zal in de toekomst meer en meer een rol gaan spelen.

Daarmee bedoel je dat we onze meerwaarde als beroepsgroep ten opzichte van de maatschappij kunnen bewijzen?

Inderdaad. We hebben als beroepsgroep een zeer verscheiden landschap en kunnen zeer verschillende meningen hebben. Dit is een kans om als één stem naar voren te treden en in één groep maatregelen te treffen en ons zo ook te positioneren in de maatschappij.